![]() | |
|
HOME |
AGENDA
NIEUWS: (kijk voor meer informatie bij Nieuwsbrieven)
Biologisch fokkenBiologische fokkerij bestaat eigenlijk nog niet officieel. In de door IFOAM omschreven intenties van biologische landbouw en de regelgeving van de Europese Unie worden een aantal zaken beschreven die gebruikt kunnen worden voor de beschrijving van een biologische fokkerij. Zo streeft de biologische landbouw naar een productie wijze die aansluit bij de natuur en het behoud van diversiteit. Op basis van deze intenties zou een biologische fokkerij gebaseerd moeten zijn op natuurlijke voortplanting en het gebruik van locale rassen. Met natuurlijke dekking speelt de fokkerij zich weer af op de bedrijven zelf en maakt de boer dus uit wat voor soort dieren hij fokt. Maar door natuurlijke dekking krijgt ook het natuurlijke voortplantingsproces weer een plaats in de veehouderij. Er is weer contact tussen mannelijke en vrouwelijke dieren. Het natuurlijke gedrag om de voorplanting heen kan weer plaats vinden.
De huidige praktijk in de biologische veehouderij is echter anders. Er wordt grotendeels gebruik gemaakt van de gangbare fokkerij. Bij koeien en varkens is deze fokkerij gebaseerd op kunstmatige voortplanting of wel KI. Deze techniek is voor runderen ontwikkeld omstreeks WO-II en werd in eerste instantie gezien als belangrijk middel tegen de verspreiding van dekziekten (geslachtsziekten). Maar foktechnisch werd KI ook snel een doel voor de fokkerij omdat er veel meer nakomelingen per stier konden worden verkregen. De verkoop van sperma van veel belovende fokstieren werd een belangrijke (inter)nationale markt en er kunnen fokwaarden worden berekend van de stieren met de gegevens van de vele nakomelingen die zij door KI krijgen. Bij runderen werd de kunstmatige voortplanting nog verder uitgebreid met superovulatie van fokkoeien, embryotransplantatie (MOET) en in vitro fertilisatie of wel IVF van eicellen die uit een ovarium van donorkoeien worden gezogen. De topfokkerij is nu helemaal op deze technieken gebaseerd. Op deze manier kan men aan mannelijke en vrouwelijke zijde streng selecteren voor gewenste kenmerken waarvan fokwaarden kunnen worden berekend.
Deze praktijk past niet bij de biologische productiewijze die op natuurlijke basis gebaseerd zou moeten zijn, dus met gebruik van natuurlijk dekkende stieren. Omdat het volgens veel beleidsmakers niet eenvoudig is de biologische productie geheel te baseren op natuurlijke voorplanting, is KI in de biologische landbouw toegestaan. ET is niet toegestaan. Echter, deze laatste regel wordt geinterpreteerd als het niet toestaan van de uitvoering van ET op een biologisch bedrijf zelf. Dat in de algemene rundveehouderij de meeste fokstieren uit MOET en IVF zijn ontstaan wordt daarbij even vergeten. De meeste biologische veehouders gebruiken immers KI stieren uit deze algemene gangbare fokkerij. In de melkveehouderij zijn er steeds meer veehouders die kiezen voor natuurlijke dekking. Zo hebben zich 60 melkveehouders aangesloten bij het 'Netwerk Stier bij de Koe'. Deze veehouders willen samen verder werken aan het ontwikkelen van een fokkerij gebaseerd op natuurlijke dekking (kijk voor meer informatie op Stier bij de koe.). In de varkenshouderij en kippenhouderij ligt de voortplanting anders dan bij rundvee. ET is nog geen gangbare praktijk bij varkens. De fokkerij en vermeerdering van varkens is wel gebaseerd op KI maar op veel (biologische) varkensbedrijven worden KI en natuurlijke dekking naast elkaar gebruikt. Bij kippen wordt KI alleen gebruikt in de topfokkerij door de fokbedrijven.
Ontwikkeling van biologische fokkerijBiologische fokkerij is wel in ontwikkeling. Er wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor een biologische fokkerij. Er werd een promotieonderzoek uitgevoerd door Wytze Nauta van het Louis Bolk Instituut in samenwerking met de Wageningen Universiteit. In dit onderzoek werd gekeken naar:
Dit onderzoek heeft aangetoond dat een biologische melkveefokkerij wenselijk is maar er is nog veel werk nodig om het zover te krijgen. Biologische boeren die een eigen stier gebruiken voor natuurlijke dekking hebben het biologisch voor elkaar. Voor de rest moet worden nagedacht over hoe efficiente en niet te dure fokprogramma kunnen worden opgezet. Voor de biologische varkensfokkerij wordt door Wageningen Univrsiteit gekeken naar de mogelijkheid voor selectie van zeugen op biologische bedrijven. Door de zeugen in een biologisch milieu te selecteren op een goede productie van biggen zouden problemen hieromtrent (doodliggen, toomgrootte, weerstand, melkproductie) gerichter kunnen worden verbeterd. Voor biologische legkippen is door de fokbedrijven gezocht naar geschikte hybriden. Momenteel zijn o.a. de Silvernick en Lohman Light Brown veel gebruikte merken. Er doen zich echter nog steeds problemen voor met verenpikken, maar er ontstaan ook steeds meer problemen met de voeding waardoor veel kippen vroegtijdig sterven. De oorzaak verenpikken wordt gezocht in groepsgrootte en opfok. De genetische aanleg zou echter ook een factor kunnen zijn. Maar sinds de voeding van de kippen 100% biologisch moet zijn, blijkt ook dat de kippen niet meer op het gangbare niveau gevoerd kunnen wordt terwijl zij wel veel eieren blijven leggen. Dan lijkt het zelfde te gebeuren als bij Holstein koeien, de kippen geven zich teveel weg, zakken door de poten en gaan dood. Er moet dus een sterkere kip voor de biologische productie komen. Maar de marges in de sector zijn zeer klein waardoor de productie van de kippen niet veel omlaag mag gaan. Vooral in de bio-dynamische landbouw wordt nagedacht over hoe dan wel een sterkere kip te fokken, die misschien wel wat minder eieren legt maar dit compenseert door een lagere sterfte. Tevens wenst men in deze sector een dubbeldoelkip, waarvan de haantjes kunnen worden afgemest. Buitenland Ook in het buitenland wordt her en der gewerkt aan biologische fokkerij. In Zwitserland zijn fokstieren die geschikt zijn voor biologische productie gekenmerkt met een klavervier. In Duitsland wordt ook onderzoek gedaan naar de verschillen in fokwaarden van stieren tussen biologische en gangbare landbouw. Ook is er voor kippen in verschillende landen (Denemarken, Duitsland, Zwitserland) gezocht en onderzoek gedaan naar geschikte hybriden voor de 'free range' biologische legkippenhouderij en dubbeldoelkippen. Voor varkens en koeien zijn het vaak ook de veehouders zelf die experimenteren met verschillende rassen en kruisingen (zoals dus ook bleek uit bovengenoemd onderzoek). Met name in Groot Brittannie is gekeken naar de geschiktheid van verschillende rundveekruisingen. Literatuuronderzoek heeft aangetoond dat bijvoorbeeld minder productieve melkveerassen minder schommeling in productie laten zien bij omschakeling naar biologische houderij. Er is echter geen duidelijke lijn en communicatie in al dit onderzoek. Elk land heeft zijn eigen initiatieven. Om coordinatie en samenwerking te verbeteren wordt momenteel een Europese vereniging voor biologische fokkerij opgericht met de naam "European Consortium for Organic Animal Breeding (Eco-AB). Dit consortium wordt gedragen door europese onderzoeksinstituten en universiteiten die ook werken aan de ontwikkeling van de biologische landbouw (zie www.eco-ab.com). Dit consortium zal zich inzetten voor het stimuleren van onderzoek en de ontwikkeling van biologische fokkerij voor alle landbouwhuisdieren.
Netwerk 'Stier bij de koe'Biologische fokkerij is dus gebaseerd op natuurlijke voortplanting. Hiervoor zijn weer levende fokstieren nodig op de bedrijven die de koeien dekken. Er zijn steeds meer biologische rundveehouders die hiertoe overgaan. Daarom is het Netwerk Stier bij de Koe opgericht. Dit netwerk zal het gebruik van natuurlijke voorplanting bij runderen stimuleren en ondersteunen. Belangrijke punten zijn hierbij het houden van en omgaan met stieren (want stieren zijn gevaarlijke dieren), het selecteren van fokstieren en voorkomen van teveel inteelt en de uitwisseling van stieren tussen bedrijven. Rondom deze thema's organiseerd het Netwerk SbdK themadagen waar veehouders ervaringen en mogelijkheden uitwisselen en samen naar oplossingen zoeken voor problemen. Het Netwerk 'Stier bij de Koe' is in 2006 geïnitieerd door de sectie Dier van het Louis Bolk Instituut. |