De geitenmelkerij is in Nederland uitgegroeid in een volwaardige sector. Totaal zijn er 580 melkgeitenbedrijven met gemiddeld 427 geiten. Van deze bedrijven produceren 60 biologische melk.
Er bestaat in de geitenhouderij geen echt georganiseerde fokkerij. Veehouders verwerven hun bokken veelal bij een aantal fokbedrijven, veehouders die zich naast het melken van geiten ook toeleggen op het fokken van een betere melkgeit.

Het bekendste fokbedrijf is Meekma uit Deinum (Frl.). Meekma is een gangbaar bedrijf en melkt 1000 geiten. Al deze geiten worden uit de hand gedekt met voornamelijk bokken uit eigen aanfok. Dit leverde geiten met best exterieur en heel goede uiers. Veel geitenhouders kopen bokken bij Meekma of nafok van deze bokken bij andere geitenhouders.

Een klein aantal geitenbedrijven neemt deel aan melkcontrole. Deze gegevens worden verzameld door het bedrijf ELDA (www.elda.nl). Vanuit ELDA wordt ook de registratie van dieren geregeld.
In 2008-2009 is vanuit het project Biogeit de fokkerij van melkgeiten geïnventariseerd. Van hier uit zijn een aantal mogelijkheden beschreven voor een biologische geitenfokkerij. In 2010 zijn deze mogelijkheden met de geitenhouders besproken aan de hand van een werkdocument.

In 2011 is er vanuit het Louis Bolk Instituut onderzoek gedaan naar de structuur van de geitenfokkerij.
Dit onderzoek had als doel meer inzicht te verschaffen in de praktijk van de biologische geitenfokkerij van Nederland en een indruk te krijgen van de kans op inteelt in deze sector.
In de gevonden fokkerijpraktijk is de afstamming van de geiten aan vaderszijde niet goed geregistreerd. Veel geitenhouders lossen dit op door steeds na maximaal twee jaar de bok van het bedrijf af te voeren en nieuwe bokken te kopen. Dit is geen duurzame oplossing omdat de aangekochte bokken direct of indirect van dezelfde fokkers afkomstig zijn.

Door middel van een zevenstappenmodel Jos Borsten een inschatting gemaakt van de kans op inteelt. Deze kans ligt op 76,5%. Dit is hoog. Alleen bij het kleine aantal bedrijven met een gesloten fokkerij (= eigen aanfok van bokken) en een totale registratie is het mogelijk de verwantschap van de dieren te controleren en teveel inteelt voorkomen. Bij de andere bedrijven is het gevaar van inteelt groot.

Door meer te registreren en meer aparte fokkerij units op te zetten en gebruik te maken van KI kan meer spreiding in de genen ontstaan en kan meer gericht worden gefokt op melkproductiekenmerken waarbij inteelt wordt voorkomen.

Lees het hele rapport: Geitenbrij op een rij